De kleur van onze huid wordt onder andere bepaald door melanine. Dat is het pigment dat wordt aangemaakt door melanocyten in de huid.
Melanine heeft een belangrijke functie: het helpt de huid beschermen tegen UV-straling. Wanneer de pigmentproductie plaatselijk verhoogd raakt, kan er een donkere verkleuring ontstaan.
Blootstelling aan UV-straling is een van de belangrijkste factoren. Jarenlange blootstelling aan de zon kan zich uiteindelijk uiten in pigmentvlekken, vooral op het gezicht, de hals, het decolleté en de handen.
Hormonale veranderingen kunnen eveneens een rol spelen. Een bekend voorbeeld is melasma, ook wel zwangerschapsmasker genoemd. Daarbij ontstaan vaak grotere, onregelmatige pigmentvlekken in het gezicht.
Oestrogeen kan melanocyten gevoeliger maken en de aanmaak van melanine stimuleren. Ook progesteron heeft hier invloed op. Tijdens de zwangerschap speelt daarnaast MSH, of melanocyte-stimulating hormone, een belangrijke rol.
Belangrijk om te begrijpen is dat hormonen niet simpelweg bepalen hoeveel pigment er wordt aangemaakt. Ze beïnvloeden vooral hoe sterk een melanocyt reageert op externe factoren, zoals UV-straling. Daardoor kan de huid onder invloed van hormonale veranderingen veel gevoeliger worden voor pigmentvorming.
Genetische aanleg heeft invloed op hoe gevoelig iemand is voor pigmentvorming.
Ook ontstekingen of beschadigingen van de huid kunnen verkleuringen achterlaten. Denk bijvoorbeeld aan pigment dat zichtbaar blijft nadat een puistje of andere ontsteking verdwenen is.
Daarom kijken we bij Re-sult niet alleen naar de zichtbare vlek, maar naar het type pigmentatie en de algemene conditie van de huid.